De Corona-crisis heeft in ons land een kanteling naar de lokale producten teweeggebracht. De liefde voor lokale producenten – van boekhandels tot bloemisten en restaurants – wordt terecht massaal geuit, geshared en geliked. Maar laten we alstublieft lokaal geproduceerde groene energie niet vergeten.

Anderhalf jaar geleden ben ik een energiebedrijf gestart dat lokale groene energie verkoopt. Ik ben ermee begonnen om een fundamentele gedragsverandering te verwezenlijken. Ik wou mensen doen beseffen dat we nu werk moeten maken van de klimaattransitie door massaal over te schakelen op lokale, hernieuwbare energie. Dat is hoognodig om een impact te hebben op de transitie naar groene energie bij ons.

Slimme investeringen in lokale, groene energie zijn ook een plus voor een economische exitstrategie.

Tijdens de coronacrisis heb ik voor het eerst in mijn leven gezien dat mensen snel en fundamenteel hun gedrag veranderen, for the greater good. Het is dus mogelijk dat mensen structureel anders gaan leven omdat hen een grote dreiging boven het hoofd hangt. Dat vind ik hoopvol. Maar ik blijf het moeilijk hebben met het feit dat de coronadreiging het beleid en de burgers meteen doet schakelen, terwijl de ontegensprekelijk nog grotere klimaatdreiging weer naar het achterplan dreigt te verdwijnen.

Achterachterkleinkinderen

VN-secretaris-generaal Antonio Guterres voorspelde onlangs, in een recent VN-klimaatrapport, dat de dreiging van de extreme hittegolven, overstromingen en stormen op termijn meer mensenlevens zullen kosten dan de coronapandemie. Maar op lange termijn kijken is veel moeilijker dan op korte termijn. Met de coronamaatregelen hebben we een doel in de nabije toekomst voor ogen: we kunnen over een bepaald aantal weken of maanden ons normale leven weer hervatten. Ons leven, onze vakanties, onze barbecues, onze kleinkinderen terugzien. Voor onze klimaatinspanningen is die horizon er niet: het gaat over de vakanties en de barbecues van onze achterachterkleinkinderen, die we nooit zullen ontmoeten. Daar kan je je weinig bij voorstellen. Je beleeft er zelf geen plezier aan en het is weinig tastbaar.

Solden op de oliemarkt

De wereldleiders hebben wel wat anders aan hun hoofd dan het energievraagstuk. De Visegrad-landen lieten al weten dat de Europese Green Deal wel even kan wachten ten voordele van de economische relance. En hoewel de solden van de retailers wellicht tot in augustus moeten wachten, zijn er op de Brent-oliemarkt al flinke koopjes te doen. De energieconsumptie neemt wereldwijd af. Volgens sommige schattingen gaat het voor 2020 om een daling van 6 procent. Dat is zeven keer meer dan de vorige grote daling door de financiële crisis in 2008. Daardoor kostte een vat ruwe olie eind april om en bij 29 dollar. In 2018 was dat nog ongeveer 75 dollar.

Waarom zou je nog investeren in pakweg een groene wagen als je oude diesel binnenkort bijna gratis rondrijdt? Hetzelfde geldt voor investeringen in wind- en zonne-energie. Waarom installaties bouwen om dure energie te produceren als er al zoveel goedkope stroom is?

De dalende consumptie zorgt er ook voor dat de energiebronnen opnieuw moeten worden afgesteld. In dat proces trekt de groene energie ook aan het kortste eind. Door de sterke daling van het energieverbruik, is er een meerverbruik van kernenergie tegenover wind- en zonne-energie. Kernenergie krijgt in ons land voorrang op groene productie. Doordat de kerncentrale in Doel op volle kracht blijft produceren, is de energieprijs negatief, waardoor windmolens de jongste dagen één voor één worden stilgelegd. De overproductie moet ergens worden ingetoomd. Een vaak aangebracht argument is dat kerncentrales moeilijker hun productie kunnen verminderen. Een kerncentrale zou je minder makkelijk kunnen afzetten dan een windmolen en is veel logger om bij te regelen.

‘Negatieve energieprijzen zullen niet meteen verdwijnen. Ze zullen almaar vaker voorkomen, wanneer we meer en meer op hernieuwbare energie overschakelen.’

Negatieve energieprijzen zullen niet meteen verdwijnen. Ze zullen almaar vaker voorkomen, wanneer we meer en meer op hernieuwbare energie overschakelen – wat volgens mij nog altijd de langetermijnstrategie is. Dat zien we al in Duitsland, waar de prijzen regelmatig onder nul duiken. We hebben in ons land een structureel plan nodig om de energiemix tussen fossiele en niet-fossiele energie te balanceren en vooral de juiste prioriteiten te geven. Als het beleid geen duidelijk keuzes voor groene energie maakt, wordt het investeringsklimaat voor groene projecten ook slechter. Dan ga je dubbel achteruit.

Geen quick wins

Ik ben bang dat politici de foute keuzes zullen maken wanneer het geld voor een economische heropstart moet worden vrijgemaakt. Ik vrees dat de quick wins het zullen halen van de langetermijndoelstellingen. Nadat de bevolking is gevraagd zo lang geduld te hebben om een grafiek zo traag te zien dalen (flatten the curve, weet u nog), valt te vrezen dat er weleens voor snelle resultaten zal worden gekozen, waar het op een relatief verantwoorde wijze kan. Investeringen in wind- en zonne-energie zijn geen financiële quick wins, aangezien je de terugverdientijd moet afwachten alvorens winst te behalen.

‘Koop lokale groene energie, laat de windmolens en de zonnepanelen draaien’

Maar door investeringen in groene energie een duw te geven, kan je heel snel extra werk creëren en extra ademruimte genereren bij de lokale bedrijven. Energie is voor elke onderneming een stevige hap uit hun budget. Maat met zonnepanelen en de juiste subsidiëring kunnen die kosten worden verlaagd, als je voor groene stroom kiest. Slimme investeringen zijn een plus voor een economische exitstrategie: bedrijven zien – weliswaar met een beetje geduld – hun energiekosten zakken en krijgen meer ademruimte. Zo’n subsidie is natuurlijk geen zak geld die onmiddellijk te benutten is. De premies van de afgelopen maanden waren dat wel. Maar voor wie iets verder dan morgen denkt, zijn groene subsidies een gedegen optie. Een economische relance kan ook dankzij groene investeringen, niet ondanks. De economie en het klimaat varen er wel bij.

Daarom mijn warme oproep om iets te doen wat heel tastbaar is en toch die verre generaties zal helpen: koop lokale groene energie, laat de windmolens en de zonnepanelen draaien.